Zoeken
Bekijk alle artikelen van

Wat las de Karaktersredactie in 2018?

Hoe kan je beter het nieuwe jaar beginnen dan met een goed boek in je luie stoel? Veel mensen hebben elk jaar het goede voornemen om meer te gaan lezen. En het feit dat je nu op Karakters zit, betekent dat je daar in ieder geval werk van aan het maken bent! Om je nog een beetje te helpen – en omdat iedereen van lijstjes lijkt te houden in deze tijd van het jaar – hebben we op een rijtje gezet wat wij in 2018 hebben gelezen. De Karaktersredacteuren vertellen welk boek een (her)ontdekking was, welke het meest representatief was voor 2018 of welk ze altijd zal bijblijven. Oud, nieuw, vertaald en Nederlandstalig. Op een boekenvol 2019!


 

Ursula K. Le Guin, The Unreal and the Real vol. 2

Het hoogtepunt van Floortje

Mijn boek van 2018 is een ontdekking van een klassieker. Ursula K. Le Guin overleed begin 2018 en liet de wereld een gigantisch oeuvre van filosofische fantasy na. The Unreal and the Real is daar een mooie samenvatting van: realistisch doch absurdistisch, sciencefictionig maar o zo doordacht en literair. Twintig korte verhalen over kastelen waar de tijd stilstaat, ruimteschepen, feministische samenlevingen, en voorafgaand een scherp essay van de auteur zelf. De context van deze vertellingen mag dan onwerkelijk zijn, de problematiek is hartstikke real. Een bundel om weg te dromen in verre werelden terwijl je wordt aangezet tot denken over deze. Ik luisterde het via Storytel – een aanrader – en schreef een portret voor Karakters over de fantastische Le Guin.

Zadie Smith, Swing Time

Gelezen door Marije

Toen ik tijdens een wandeling in Den Haag verdwaalde, kwam ik deze roman tegen in een minibieb. Achteraf gezien is dat verdwalen dus een van de betere vergissingen van 2018. Het verhaal beschrijft een zoektocht naar identiteit en in welke mate (verloren) vriendschappen en familierelaties een mensenleven kunnen bepalen. Zadie Smith heeft een zeer meeslepende schrijfstijl en ze legt in Swing Time maar al te herkenbare gevoelens onder de loep. Het hoofdpersonage is authentiek, niet perfect en pretendeert ook niet wel perfect te zijn, en juist dit maakt dat ik veel van haar heb kunnen leren.

Het jachtgeweer en Stierensumo van Yasushi Inoue

De herontdekking van Jochen

Waar je als liefhebber van Japanse literatuur de afgelopen jaren een beetje op je honger bleef zitten, verschijnen er de laatste tijd steeds meer nieuwe vertalingen van zowel gevestigde als nieuwe Japanse literatoren. Zo kende het oeuvre van Shusaku Endo recent nog een heropleving door de verfilming van Silence, geregisseerd door topregisseur Martin Scorsese, verscheen het meesterwerk Menselijke voorwaarden van Junpei Gomikawa voor het eerst in het Nederlands en was de nieuwe, tweedelige roman van Haruki Murakami weer een schot in de roos. Er werd zelfs een heus Murakami Weekend rond de verschijning van De moord op Commendatore georganiseerd.

Bekijk hier de trailer van Silence (2016)

Minder aandacht kregen echter de nieuwe vertalingen van twee novellen van Yasushi Inoue (1907-1991) die dit jaar bij Bananafish verschenen en vertaald werden door Jacques Westerhoven. Ten onrechte, want Inoue blijft na jaren nog steeds een van de meest gelezen auteurs in Japan. Inoue werd in de jaren tachtig zelfs regelmatig getipt voor de Nobelprijs, maar kreeg hem, net als vele anderen, niet.

Het jachtgeweer is het debuut van Inoue en is een raamvertelling en brievenboek ineen. Bij Stierensumo dringen de associaties met Willem Elsschots Kaas zich dan weer op. Beide zijn het ingenieus in elkaar geknutselde novellen die jaren na publicatie nog steeds relevant en intrigerend zijn.

Inoue publiceerde tijdens zijn leven overigens iets meer dan vijftig romans en nog een veelvoud aan kortverhalen. Het hele oeuvre vertalen lijkt niet meteen realistisch, maar hopelijk krijgen deze twee vertalingen de komende jaren nog navolging.

Julian Barnes, Het enige verhaal

Het hoogtepunt van Maaike

‘Would you rather love the more, and suffer the more; or love the less, and suffer the less? That is, I think, finally, the only real question.’ Dit is de eerste zin van Barnes’ nieuwste roman. Een zin waar mijn lezershart direct sneller van ging kloppen. Een veelbelovend begin dat de Britse schrijver doorzet in de rest van het boek.
De bejaarde jurist Paul kijkt terug op zijn leven en dan vooral op zijn leven met Susan, die hij op 19-jarige leeftijd heeft ontmoet op de tennisclub. Een eenvoudig begin had hun relatie niet; Susan was toentertijd 48 en had een gezin met twee volwassen dochters. Toch leek dit leeftijdsverschil en het feit dat Susan getrouwd was de twee geliefden niet te stoppen. Niets of niemand kon hun liefde in de weg staan. Totdat alles anders werd.
Het enige verhaal is een beklemmende, maar bovenal prachtige roman over de kracht van eerste liefde en de gekleurdheid van onze verhalen en herinneringen over deze liefde. Is er zoiets als een objectief verhaal? Of is het enige verhaal dat we kennen ons eigen verhaal?

Lieke Kézér, De afwezigen

Gelezen door Mijke

Het boek waar ik in 2019 waarschijnlijk vaak aan zal terugdenken, is De afwezigen. In 2017 sleepte debutante Lieke Kézér er de ANV Debutantenprijs en de Bronzen Uil mee in de wacht. Het verhaal handelt over de Amerikaanse Joshua James, een zeer getalenteerd saxofonist die zijn leven lang blijft worstelen met de ongelukkige gebeurtenissen uit zijn jeugd en de vaste basis die hij nooit heeft gekend. Ik overdrijf niet wanneer ik zeg dat de setting en het levensverhaal van Joshua in dit boek groots en meeslepend zijn. De bruisende, spannende, maar toch ook waarheidsgetrouwe beschrijvingen van de New Yorkse jazzscene maakte dat ik tijdens het lezen moeilijk kon geloven dat het boek is geschreven door een Nederlandse. Het bijzondere aan De afwezigen vind ik verder dat je het verhaal van Joshua niet vanuit zijn perspectief, maar vanuit het perspectief van anderen leest. Je ziet Joshua door de ogen van verschillende mensen die zijn leven in een bepaalde richting hebben gestuurd. Hij houdt daardoor het onbereikbare en mysterieuze, waardoor hij niet alleen de andere personages in het boek, maar ook mij als lezer bleef intrigeren.

Richard Powers, Tot in de hemel

Het hoogtepunt van Nicole

‘Een van de allermooiste dingen die een boek met je kan doen is dat het je anders naar de wereld kan laten kijken’, aldus Jan Donkers in NRC in een bespreking van Tot in de hemel van Richard Powers. Wat mij betreft sloeg hij hiermee de spijker op zijn kop.
In de nieuwste roman van Powers staat de natuur centraal. Meer specifiek: bomen. Dat Powers een roman van 600 pagina’s heeft geschreven over bomen is geenszins willekeurig en het boek bevat dan ook een urgente boodschap. Op overtuigende wijze laat hij zien hoe scheef de verhouding tussen mens en natuur is gezakt en dat de tijd is aangebroken om dit zo goed en zo kwaad als het gaat weer recht te zetten. Maar de roman is zoveel meer dan alleen de drager van die boodschap. Het verhaal doet je verlangen naar een tijd waarin we nog niet gedreven werden door smartphones en social media, naar een tijd waarin een boer besluit elke maand een foto van zijn kastanjeboom te maken – je weet niet precies waarom, maar als lezer wil je op dat moment ook een kastanjeboom planten en de groei ervan maandelijks vastleggen met een polaroid camera. Powers maakt het verlangen naar de natuur los, en dat onderschrijft zijn boodschap op een prachtige wijze.
Uiteindelijk lijkt het om aandacht te draaien. Aandacht voor de natuur om ons heen en onze positie naast deze natuur, niet erboven. Aan ons nu de taak deze aandacht vast te houden.