Zoeken
Bekijk alle artikelen van

De vijf boeken van auteurs met een Berberachtergrond die je volgens Asis Aynan (samensteller van de Berberbibliotheek) gelezen moet hebben

Onlangs verscheen met de dichtbundel Vallende tijd het sluitstuk van de Berberbibliotheek. De bundel bevat een selectie gedichten van de vier grootste dichters uit het Rif van de vorige eeuw. De dichters Mohammed Chacha, Ahmed Ziani, Fadma el Ouariachi en Mimoun el Walid hebben met gevaar voor verstoting en verbanning hun leven gewijd aan de poëzie. In de gedichten wordt de liefde bezongen, de migratie verfoeid en om emancipatie geschreeuwd.
     De Berberbiliotheek is een initiatief van schrijver Asis Aynan en vertaalster Hester Tollenaar en bestaat uit een tiental nog niet in het Nederlands verschenen klassiekers van auteurs met een Berberachtergrond. Eerder verschenen in deze serie onder andere nieuwe vertalingen van Ibrahim al Koni, Mohamed Choukri en Mouloud Mammeri.
     Maar nu het sluitstuk van de serie verschenen is, rest er nog een prangende vraag: welke boeken van auteurs met een Berberachtergrond moet je na het doorspitten van de Berberblibliotheek gaan (her)lezen? Karakters vroeg het aan de curator en bedenker van de serie Asis Aynan.

Schrijver Asis Aynan (1980) groeide op in Haarlem en verhuisde voor zijn studie filosofie naar Amsterdam – de stad waar hij zijn grote interesse voor de literatuur en het schrijven van boeken vond. Op zeventwintigjarige leeftijd debuteerde hij met Veldslag en andere herinneringen, waarin Aynan schrijft over zijn katholieke-islamitische-berberjeugd, de huidige Nederlandse samenleving en de wederwaardigheden van een Berberse jongen tussen twee dominante culturen. Later verschenen van zijn hand ook nog Ik, Driss (2010) en Gebed zonder eind (2014).
     In 2011 zette hij samen met vertaalster Hester Tollenaar de Berberbliotheek op. Naar aanleiding van het verschijnen van het sluitstuk van de serie, stelde Aynan voor Karakters een lijst samen met de vijf boeken van auteurs met een Berberachtergrond die je volgens hem zeker gelezen moet hebben.



Hongerjaren

Mohamed Choukri

Mijn lijfboek. Op mijn twaalfde las ik het voor de eerste maal. Mijn broers hadden het uit de bibliotheek geleend. Ik hoorde hen aan de ontbijttafel erover praten. Ik sloop hun slaapkamer in en herlees het sindsdien met grote regelmaat. 
     Mohamed Choukri brak met zijn debuut door en brak met een heleboel taboes. In Hongerjaren kregen de straat en haar bewoners voor het eerst een stem in de literatuur van Noord-Afrika. Hongerjaren is een vulkaanuitbarsting waarvan de zinnen van lava sinds de publicatie in 1973 nog altijd niet zijn gestold.

De laatste zomer van de rede

Tahar Djaout

Over de Algerijnse burgeroorlog van de jaren negentig zijn veel romans geschreven. De laatste zomer van de rede van Tahar Djaout kondigde die oorlog aan. Djaout was eigenlijk dichter, maar hij ging proza schrijven om meer mensen te bereiken. 
     In De laatste zomer van de rede hebben de Wakende Broeders de samenleving overgenomen. Alleen de (geloofs)groep is belangrijk en het individu is het gevaar, daarom wordt hij aan de wetten van de Schrift onderworpen. In heel die samenleving is een kleine held die verstand biedt: de boekhandelaar Boulem Yekker. 
     Ik krijg kippenvel als ik aan het boek denk. 

Honger naaktheid vlucht voor de honden

Mohammed Chacha

In 1977 vluchtte Chacha vanuit Marokko naar Amsterdam. Hij schreef zijn gedichten, kortverhalen, romans en essays in het Riffijns. Honger naaktheid vlucht voor de honden is een zeer tegenstrijdige bundel. Het gaat over atheïsme en migratie, maar ook over verveling en de scheet van een ezel. Ik denk dat dichtbundel juist zo veel invloed op mij had, omdat de mens een vat vol tegenstrijdigheden is. 

Opkomst

Ali Amazigh

In 2009 was daar opeens de dichtbundel Opkomst van Ali Amazigh, uit het Riffijns vertaald door berberloog Khalid Mourigh. Ali Amazigh werkt ergens in Gorinchem in een fabriek, en daar bij een machine moeten die fantastische verzen ontstaan. 
     Het dicht ‘De bus’ begint met een boze buschauffeur, en op de een of andere werkt een boze buschauffeur op mijn lachspieren, maar verderop in het gedicht verging mij het lachen. 
     Ik heb veel dichters zien optreden, maar die van Ali Amazigh zijn happenings

Nedjma

Kateb Yacine

Enkele jaren geleden bezocht ik een voordracht van dichter El Mahdi Acherchour in het Algerijnse cultuurhuis in Parijs. Na het optreden ontmoette ik de vertaler − naar het Arabisch − van de roman Nedjma van Kateb Yacine.
     Nedjma is het oerboek van het Algerijnse volk. De vertaler zei dat Nedjma nog altijd een mysterie is voor hem. Ik had toen zojuist het boek in het Engels gelezen. Ik snapte er maar weinig van, en weet dat aan mijn Engels en kennis van de Algerijnse geschiedenis. Dat klopte niet. De bedoeling van Nedjma is niet begrijpen, maar om de Algerijnse geschiedenis te voelen.