Zoeken
Bekijk alle artikelen van
Aafke Bouman

Fictie voorbij: 'De bevrijding', gebaseerd op Lodewijk van Deyssel

In de rubriek Podium verschijnt eens in de maand een stuk gloednieuwe fictie dat geïnspireerd is op reeds bestaande fictie. De auteur heeft zich laten leiden door een schrijver, verhaal of personage uit de wereldliteratuur, maar schrijft een eigen verhaal. Marije van ’t Kruijs liet zich inspireren door het verhaal en de stijl van Een liefde (1887) van Lodewijk van Deyssel. Deze roman beschrijft het huwelijk van de naïeve Mathilde en de bereisde wereldburger Jozef. Na de geboorte van hun zoontje Felix lijdt Mathilde aan onverklaarbare kwalen en is zij woonachtig in Hilversum om aan te sterken. Zij nemen Marie in huis om voor de kleine Felix te zorgen. Ondertussen blijft Jozef na kantooruren steeds vaker in Amsterdam, waar hij overnacht in hun voormalige huis en allerhande vormen van vermaak opzoekt.


 

De bevrijding

Marie stond in den tuin bij het droogrek den was op te hangen. Zij voelde zich vandaag een beetje vreemd van gemoed, ze dacht terug aan haar tijd bij meneer en mevrouw Van Wilden, waar zij eens had gediend als kindermeisje. Zij voelde zich ook zenuwachtig. Van oeverloos piekeren was zij echter nog nooit beter geworden, dus zij verbeêt haar gevoel en ging stug voort met haar taak. Daarna zou ze zichzelf wel eventjes een rustmomentje gunnen.
Zij liep net richting de bijkeuken toen ze meende een kuchje te hooren. Zij had het gevoel dat het met haar te maken had, maar wilde er verder geen aandacht aan besteêden. Het bleef even stil, maar daarna hoorde ze nogmaals een kuchje, eenigszins duidelijker dan de vorige. Even kneep zij zichzelf in den arm, ze kon het niet gelooven. Felix stond bij den omheining van haar kleine tuintje, hoe was het mogelijk! Die glimlach herkende zij uit duizenden. ‘Ben jij het wezenlijk, jongen?’ riep ze, om zichzelf een houding te geven. Hij knikte bijna onmerkbaar. Zij stapte met ferme pas op hem af en bood hem iets te drinken aan.
‘Graag,’ antwoordde hij.
Terwijl Marie thee en koffie aan het zetten was, vroeg zij zichzelven af waarom Felix zich zoo terughoudend gedroeg. Zou hij het haar aanrekenen, die bewuste avond waarop mevrouw Van Wilden zoo vreeselijk uit haar goede doen was geweest? Zou hij hier zijn om haar den les te lezen? Maar zijn glimlach dan? Dat paste daar toch volstrekt niet bij? Of was dat juist een trucjen om ervoor te zorgen dat ze niet op haar hoede zou zijn?
Zij zag dat den koffie bijna overliep en herstelde zich snel. Nadat zij werd ontslagen door meneer en mevrouw, had ze nooit meer een glimp van het jonge gezin opgevangen. Het was dus al ruim tien jaar geleden dat zij voor het laatst met Felix had gesproken. En nu had ze ook nog eens geen lekkernijen in huis.
‘Wat goed u weêr te zien,’ zeî Felix terwijl hij het kopje met den koffie aannam. ‘U zal zich wel afvragen waarom ik hier ben.’
Marie knikte langzaam, hopend dat Felix uit zichzelf verder zou spreken. Zij had zichzelven niet heelemaal meer in de hand en was bang dat er een snik in haar stem zou doorklinken.
‘Ik kom om u mijn plaatsvervangende excuses aan te bieden,’ zuchtte Felix. Marie haalde opgelucht adem en luisterde hoe Felix zijn verhaal vervolgde. ‘Ik weet nog steeds niet precies wat er is gebeurd tussen u en vader, maar er is duidelijk iets niet in orde. Volgens mij bedroog hij moeder al zeer lang, hij was bijna nooit thuis en wilde mij ook nog eens opleggen zijn zaak over te nemen, waar ik volstrekt geen behoefte aan heb.’ Marie haalde adem om het voor Felix’ vader op te nemen, maar hij gaf haar geen kans. ‘Ik weet al wat u wil zeggen. Dat het triest voor hem was, dat hij het al moeilijk genoeg had en dat hij dikwijls zijn goeden wil heêft getoond tegenover moeder. Maar als men slechts eens in den twee weken een dagje thuis is, is het heus niet zoo moeilijk om den liefhebbenden echtgenoot te spelen. Hij wist immers dat hij de avond daarna alweêr allemaal andere vormen van vertier op kon zoeken! Daarnaast is zijn thuissituatie misschien een verklaring geweest, maar nooit een excuus. En al heelemaal geen reeden om niet naar uw kant van het verhaal te kijken. U had geen slechtlopend huwelijk, akkoord, maar dat betekent niet dat vader de enige van u beiden was die het moeilijk had.’
     Felix moest even op adem komen en Marie dacht na over zijn woorden. Hij had precies aangevoeld wat ze wilde zeggen, maar dat was ook niet raar. Zij had jarenlang voor hem gezorgd en hij kende haar dan ook beter dan zijn eigen ouders. Ze zag dat hij nog wat wilde vragen, maar de moed nog aan het verzamelen was. ‘Wilde je vragen wat er echt tussen jouw vader en mij is gebeurd, die avond?’ vroeg Marie zachtjes. Zij zag Felix beschaamd knikken. ‘We hebben inderdaad het bed met elkaar gedeêld. Ik kreêg de kans niet me te verzetten. Jij lag al in bed, je moeder was beneden en je vader siste herhaaldelijk dat ik er eêrder van af was als ik meêwerkte, dat jullie het anders misschien zouden ontdekken en dat dat alles erger zou maken dan het was.’
Zij zag Felix slikken. Ze had haar best gedaan het kort en bondig te vertellen, om meer details zou hij echt niet verlegen zitten. ‘Ik dacht het al, maar het komt toch harder aan om het zoo in uwen stem te horen’, fluisterde Felix. ‘Ik had gewild dat u mijn moeder was geweest. Zij kon er misschien niks aan doen, maar mijn moeder was toch altijd een beetje vreemd en afstandelijk. Mijn ouders hadden nooit met elkaar moeten trouwen, denk ik soms.’
Marie keêk hem aan. ‘Dat is niet waar, dan was jij er immers niet geweest.’
Hij zuchtte opgelucht. ‘Fijn dat u er wel zo over denkt. Mijn moeder had alleen maar gehoopt dat ik een kopie van mijn vader zou zijn, maar dat is duidelijk niet gelukt. Als zij niet van mij was bevallen, was ze nooit ziek geworden en dan waren zij nog gelukkig geweest samen.’
Marie schudde gedecideerd haar hoofd. ‘Dat zou heelemaal niets met jou te maken moeten hebben. Het is denk ik tijd dat je loskomt van je ouders, dat je zelf je weg gaat zoeken. Je bent hier altijd welkom, Felix. En je bent niemand wat verschuldigd.’
Enige tijd later stonden ze weêr samen bij den omheining. Felix schonk haar wederom zijn glimlach en Marie keêk toe hoe hij zich steeds verder van haar verwijderde, met zelfverzekerder passen dan ze van hem kende.