fbpx
Zoeken
Bekijk alle artikelen van

Jan Vantoortelboom

“Ik breng liever mijn kinderen gelukkig groot, dan dat ik de idealist uithang die nooit thuis is en een affaire heeft met zijn secretaresse.” Gesprek door Stijn Demarbaix Foto: Ronald den Dekker

In werkmansplunje en met een glimlach op het gezicht. Zo begroet Jan Vantoortelboom ons in zijn prachtige Zeeuws-Vlaamse tuin. Bloemen en kruiden schieten naast het wandelpad de hoogte in, geiten en biggen spelen achter een omheining en vogeltjes vliegen af en aan naar de talloze nestkastjes. De fauna en flora hebben het hier voor het zeggen. “Ik vind de natuur veel interessanter dan mensen. Zij zijn de eigenlijke hoofdpersonages in mijn boeken.”

Jan Vantoortelboom groeide op in het West-Vlaamse Elverdinge, dichtbij Ieper. Hij woonde een tijdje in Gentbrugge, maar keerde de stad al snel de rug toe om zich met zijn gezin te vestigen in het landelijke Zeeuws-Vlaanderen. Hij ging aan de slag als docent. Op 36-jarige leeftijd debuteerde hij met De verzonken jongen (2011) bij Contact. Een grotendeels autobiografisch relaas over een jongen die zijn moeder verliest en mateloos geïntrigeerd is door het litteken dat zijn grootvaders gezicht doorklieft. De roman viel in de prijzen en kende met Meester Mitraillette in 2014 (Atlas Contact) een bestsellende opvolger. De zwijgzame, weerbarstige grootvader met het litteken maakt opnieuw zijn opwachting als nevenpersonage. Victor is zijn naam. Hij is jong, ploegt zijn West-Vlaamse akkers, is buitenwipper van het lokale café en strijdt mee in de Grote Oorlog. Het personage steelt de show in alle scènes waarin hij aanwezig is.

Toch is het wachten tot Jagersmaan vooraleer Victor Vanheule alle aandacht opeist. De jonge Victor keert terug van de oorlog en vindt op het West-Vlaamse platteland zijn draai niet. Zijn moeder raadt hem aan in Amerika het geluk te zoeken. De Red Star Line scheept uit met Victor aan boord, maar hij springt het zeewater in en spoelt aan in Ierland, waar een hevige burgeroorlog woedt.

Karakters: Met Victor was je na Meester Mitraillette duidelijk nog niet klaar.

Jan Vantoortelboom: Hij is het meeste interessante personage dat ik ooit gemaakt heb. Ik moest wel een boek aan hem wijden.

Hij lijkt zo te zijn weggelopen uit een roman van Gerard Walschap.

Of uit het oeuvre van Cyriel Buysse of Louis Paul Boon, dat krijg ik vaker te horen. Ik heb die auteurs nooit gelezen. Victor is een samensmelting van mijn beide grootvaders. Het litteken en de incestueuze familiegeschiedenis voor alle duidelijkheid daargelaten (lacht).

Geen liefhebber van de Vlaamse literatuur?

Begrijp me niet verkeerd, ik ben mijn achterstand aan het inhalen. De Ierse literatuur eiste lange tijd mijn aandacht op, daar ben ik al vanaf mijn studententijd fan van. Maar ik lees ook erg geïnteresseerd het werk van mijn collega’s. Woesten van Kris Van Steenberge bijvoorbeeld, dat zich op een boogscheut van Elverdinge afspeelt. Al vind ik dat ik als West-Vlaming nog net iets beter de ziel van de streek heb weten vatten (knipoogt).

Het is dus geen toeval dat Jagersmaan zich afspeelt in Ierland?

Ierland heeft mijn hart gestolen. Ik zat zes maanden op Erasmus in Dublin. Na mijn kindertijd was dat de beste periode uit mijn leven. Ik ken het daar, en de boutade luidt dat je beter schrijft over wat je kent. Amerika ken ik niet goed, dus ik wist al snel dat ik Victor in Ierland zou laten aanmeren. Het Ierland van het begin van de twintigste eeuw is ook een enorm interessante setting, met eerst de onafhankelijkheidsoorlog en dan de burgeroorlog. De gewelddaden bereikten er in de jaren twintig het plafond. Victor past er perfect, want hij is na de Grote Oorlog eigenlijk altijd soldaat gebleven.

‘De houding van mijn personages weerspiegelt mijn desinteresse in de politiek. Als schrijver mag ik dat misschien niet te luid zeggen, maar ik ben eigenlijk helemaal niet met politiek bezig.’

Een opvallende afwezige in je oorlogsverhalen is de politiek. De IJzerbedevaart, activisme en de Frontbeweging komen niet aan bod, ook al spelen je romans zich af op een boogscheut van Ieper.

Boerenzonen als Victor gingen naar de oorlog voor de soldij en het avontuur. Vaak hadden ze geen benul welke politieke motieven er speelden. Ze wilden overleven en lieten de grote zaak varen. De houding van mijn personages weerspiegelt mijn desinteresse in de politiek. Als schrijver mag ik dat misschien niet te luid zeggen, maar ik ben eigenlijk helemaal niet met politiek bezig. Erg geëngageerd is dat niet, ik weet het.

Misschien is het net een engagement om ideologie niet aan bod te laten komen.

(lacht) Zo zou je het ook kunnen zien. De afwezigheid ervan betekent wel iets. De mens in kleine kring krijgt van mij aandacht, niet de grote zaak. Zo sta ik zelf ook in het leven. Als ik mijn vier kinderen gelukkig groot kan brengen, dan is mijn leven geslaagd. Dat vind ik beter dan de idealist uithangen die nooit thuis is of een affaire heeft met zijn secretaresse.

Wel aanwezig is de natuur.

Die vervult een belangrijke rol in mijn romans. Beschrijvingen van personages vind je amper in mijn boeken. Ik focus me liever op de natuur en de dieren. Victor is bovendien ook een beetje een beest.

De moeder van Victor krijgt een prominente plaats in Jagersmaan. Ze stuurt haar zoon naar Amerika om van hem af te zijn, zo lijkt het wel.

Fijn dat je dat opmerkt. Het komt haar inderdaad goed uit dat Victor naar Amerika trekt. Ze is daarin een beetje egoïstisch. Op haar leeftijd denken de meeste mensen aan uitbollen, maar zij is levenslustig en wordt weer verliefd. Alleen zou Victor haar niet toestaan iemand de plek van zijn vader in te laten nemen.

‘Het verlies van mijn moeder heeft zich onbewust gemanifesteerd in mijn boeken.’

Je verloor zelf je moeder op jonge leeftijd.

En dat verlies heeft zich onbewust gemanifesteerd in mijn boeken. Mijn redacteur zei me onlangs dat mijn hele werk het onderzoeken is naar hoe het zou zijn geweest om als volwassen man een band te hebben met mijn moeder. Ik stond met mijn mond vol tanden toen ik dat hoorde. Was dat echt zo? In De verzonken jongen sterft de moeder op de eerste pagina, in Meester Mitraillette laat de moeder haar zoon vallen, in De man die haast had (2015) pleegt de moeder zelfmoord en in De drager (2017) is er amper een moederfiguur aanwezig. In Jagersmaan stuurt ze haar zoon weg. Het klopt: ik thematiseer telkens de afwezige relatie met de moeder. In dat opzicht is Jagersmaan een hele stap vooruit. Ik voer haar op als ik-figuur en kruip voor het eerst in haar hoofd.

De dood van je moeder is de drive geweest om te beginnen met schrijven, zei je in een interview.

Ik was zestien en plotsklaps was ze er niet meer. Vaak was ik alleen thuis, want mijn broer zat op kot en mijn vader ging werken. Dan las ik. Die paar uur in een andere wereld vertoeven was de perfecte vlucht. Boeken hebben me enorm geholpen om haar dood te verwerken. Al snel droomde ik ervan zelf een roman te schrijven en uit te geven.

Maar het duurde nog even voor je werk in de boekenhandel lag.

Studies, werk zoeken, een gezin stichten en een huis bouwen waren prioritair.

Heb je lang naar een uitgever moeten zoeken?

Die lijdensweg is me gelukkig bespaard gebleven. Ik stuurde de eerst vijftig pagina’s van De verzonken jongen naar het beoordelingsbureau van Luc de Rooy van Uitgeverij Karaat. Die stuurde de pagina’s op zijn beurt naar Sander Blom van Atlas Contact. De vijftig pagina’s werden goed bevonden en als de volgende honderdvijftig van hetzelfde niveau waren, had ik een contract beet. Dag en nacht begon ik te schrijven. Ik voelde dat de droom binnen bereik was. Vier weken later was De verzonken jongen klaar. Maar ik heb nog enkele maanden gewacht voor ik de tekst aan de uitgeverij overhandigde. Ik wilde niet dat ze wisten dat ik hem zo snel had geschreven (lacht).

‘Na het succes van Meester Mitraillette heb ik me een jaar volledig toegelegd op de literatuur. In de praktijk zat ik vijf dagen in de week thuis met mijn vingers te draaien. Het was puur tijdverlies.’

Vier romans later combineer je het schrijverschap nog steeds met je baan bij de Hogeschool Zeeland. Waarom ben je nooit voltijds gaan schrijven?

Na het succes van Meester Mitraillette heb ik me een jaar volledig toegelegd op de literatuur. In de praktijk zat ik vijf dagen in de week thuis met mijn vingers te draaien. Het was puur tijdverlies. Hoe meer tijd ik kreeg, hoe minder efficiënt ik schreef. Dan kan ik beter iets nuttigs doen voor de maatschappij en enkele uurtjes op een dag gericht aan mijn boeken werken. Bovendien biedt het onderwijs genoeg vakantie om te kunnen schrijven (lacht).

Vlieg je er meteen opnieuw in?

Neen, in de zomer is het te mooi weer om me in mijn schrijvershol terug te trekken. Kijk om je heen, er valt hier zoveel te doen. (Klopt tegen de houten planken van de schuur naast hem) Eerst moet ik dit kot schilderen. In september begin ik weer met schrijven en tijdens de winterperiode, wanneer het kacheltje aankan, maak ik echt meters.

(korte stilte)

Al kriebelt het al weer.

Vertel.

Graag zou ik door een lokale krant een wedstrijd laten organiseren. Het is de bedoeling dat Zeeuwen verhalen uit hun eigen leven insturen. Van het verhaal van de winnaar maak ik een roman. Dat staat ver van mijn eigen leefwereld. En zo doe ik ook iets terug voor de Zeeuwen, want ik heb het gevoel dat ze mij echt omarmd hebben.

Meer dan de Vlamingen?

Zeker. Mijn boeken geraken in België niet verkocht. Ik begrijp het niet en de uitgeverij evenmin. Misschien denken ze dat ik een Nederlander geworden ben (lacht)? Ik voel me nochtans een Vlaamse auteur.

Wie weet is dit interview het kantelpunt en steven je af op een recordverkoop in het zuiden, bedankt Jan!